Nieuwe whitepaper: The Radius Papers 01, over werven voor de werkvloer Nieuwe whitepaper over werven › Lees de whitepaper ›

Wat kost een nieuwe medewerker op de werkvloer? Een rekenmodel met je eigen cijfers

Artikel9 min leestijdTeam Radius Hire

Een chauffeur in marineblauwe werkkleding naast een witte bestelbus met open deur

“Wat kost een nieuwe magazijnmedewerker ons?” klinkt als een simpele vraag. In de praktijk lopen de antwoorden uiteen van een factuur voor de werving tot een heel jaarloon, en de meeste komen uit leveranciersrapporten die moeilijk na te rekenen zijn.

Dit artikel geeft je geen gemiddeld bedrag voor wat een nieuwe medewerker op de werkvloer kost. We hebben voor Nederland geen betrouwbaar gemiddelde gevonden, en we denken ook niet dat je er veel aan zou hebben. In plaats daarvan krijg je een model dat je met je eigen cijfers kunt invullen en dat gebaseerd is op officiële Nederlandse statistieken, voor zover die er zijn.

Kort antwoord: Er is geen betrouwbaar landelijk gemiddelde voor wat een nieuwe medewerker op de werkvloer in Nederland kost. Je eigen bedrag bouw je op uit drie delen: de loonkosten van de plek (je loonkosten per uur maal de werkelijk gewerkte uren), de kosten om de plek in te vullen (advertenties, bureaukosten, recruitertijd, controles) en de kosten om een nieuwe medewerker productief te krijgen (inwerken, uitrusting, begeleiding). In 2025 kostte een gewerkt uur werkgevers in de Nederlandse sector vervoer en opslag € 44,40, volgens officiële cijfers van het CBS. Dat bedrag kun je als referentiepunt gebruiken, tot je het vervangt door het cijfer uit je eigen loonadministratie.

Belangrijkste punten

  • Er bestaat geen betrouwbaar landelijk gemiddelde voor de kosten van een nieuwe medewerker op de werkvloer. Wees voorzichtig met elk bedrag dat die kosten in één getal vangt.
  • De loonkosten per gewerkt uur volgens het CBS zijn een solide vertrekpunt: € 44,40 in vervoer en opslag in 2025, tegen ongeveer € 48 in alle sectoren samen.
  • De loonkosten van de plek zijn de grootste post, maar ook het invullen ervan en het inwerken kosten echt geld. Die bedragen schat je zelf.
  • Voor beslissingen heb je meestal meer aan wat een vroeg vertrek kost dan aan wat een nieuwe medewerker kost.
  • Elke aanname in dit model is bedoeld om te vervangen door je eigen cijfer.

Waarom er niet één bedrag bestaat

Gepubliceerde cijfers over de kosten per nieuwe medewerker komen meestal van leveranciers of uit enquêtes, en hoe ze tot stand komen, is zelden duidelijk. In die cijfers lopen heel verschillende functies, contracten en definities door elkaar. Sommige tellen alleen de wervingskosten, andere rekenen er een jaarloon bij. Een bedrag dat een reachtruckchauffeur in Venlo en een softwareontwikkelaar in Amsterdam op één hoop gooit, zegt over geen van beiden veel.

INTERPRETATIE. Voor een werkgever met personeel op de werkvloer is “wat kost een nieuwe medewerker?” niet de beste vraag. Een betere vraag is: “Welke verplichting gaan we aan als we deze plek invullen, en wat kost het ons als een nieuwe medewerker niet blijkt te passen?” Allebei kun je beantwoorden met gegevens die je al hebt.

Wat de officiële cijfers zeggen

FEIT. Het CBS publiceert de loonkosten per gewerkt uur. Dat zijn de totale kosten van een werknemer voor de werkgever, gedeeld door de werkelijk gewerkte uren. Daarin zitten het brutoloon, het vakantiegeld, de sociale premies ten laste van de werkgever, bonussen en andere beloningen. De cijfers voor 2025 (CBS, 2026, tabel 5.8):

SectorLonen per gewerkt uurSociale premies ten laste van werkgevers en aanverwante posten per gewerkt uurLoonkosten per gewerkt uur
Vervoer en opslag€ 33,50€ 10,90€ 44,40
Alle sectoren€ 36,80€ 10,80ongeveer € 48 (afgerond cijfer van het CBS)
Uitzendbureaus€ 24,90€ 7,00€ 31,90

Bron: CBS, De arbeidsmarkt in cijfers 2025, tabel 5.8. Volgens het CBS zijn sommige cijfers over 2025 voorlopig.

Een paar andere officiële cijfers zetten instapfuncties op de werkvloer in perspectief:

  • De lonen lopen binnen de sector sterk uiteen. Het CBS meldt voor laders, lossers en vakkenvullers over 2024 een mediaan bruto-uurloon van € 11,20, tegen € 25,30 voor alle werknemers (CBS, 2026, tabel 5.21). Die loonreeks is anders opgebouwd dan de reeks voor de loonkosten, dus je kunt de twee niet combineren. Dat de mediaan zo laag ligt, komt mede door de minimumjeugdlonen, die lager zijn dan het minimumloon voor volwassenen.
  • Het wettelijk minimumloon voor volwassenen was in de tweede helft van 2025 € 14,40 per uur. In de sector vervoer en opslag had 7,4 procent van de werknemersbanen een uurloon op of rond dat minimum, tegen 6,7 procent in alle sectoren samen (CBS, 2026, tabel 5.22).
  • Werving is op landelijk niveau een echte kostenpost. Het CBS brengt werving en selectie onder bij de arbeidskosten die niet aan individuele werknemers zijn toe te rekenen, net als opleidings- en kantinekosten. Samen zijn die goed voor 3 procent van de totale arbeidskosten. Dat bevestigt dat de kosten bestaan, maar levert geen bedrag per nieuwe medewerker op.

INTERPRETATIE. Het sectorgemiddelde is een referentiepunt, geen bedrag voor de functie waarvoor je werft. Onder vervoer en opslag vallen naast magazijnen ook het spoorvervoer, de luchtvaart, de scheepvaart, en post- en koeriersdiensten. Een instapfunctie in het magazijn kan per uur veel minder kosten. Een gekwalificeerde reachtruck- of vrachtwagenchauffeur kan juist meer kosten. De enige betrouwbare bron is je eigen loonadministratie.

Het model: wat één plek kost

Zo ziet het model eruit. Bij elke regel staat of het gaat om een cijfer uit je eigen administratie of een statistiek, om een aanname of om een berekening.

RegelWat je invultSoort
A. Loonkosten per gewerkt uurHet cijfer uit je eigen loonadministratie. Zolang je dat niet hebt: het sectorcijfer van het CBS.Je eigen cijfer (of officiële statistiek)
B. Werkelijk gewerkte uren per jaarContracturen min vakantie, feestdagen en verwacht ziekteverzuimAanname: vervang door je eigen cijfer
C. Loonkosten van de plek per jaarA × BBerekening
D. Kosten om de plek in te vullenAdvertenties, bureaukosten of recruiteruren, tijd voor de screening, controlesAanname: vervang door je eigen cijfer
E. Inwerken, uitrusting, begeleiding en de tijd tot iemand volledig productief isJe eigen schattingAanname: vervang door je eigen cijfer
F. Kosten van de plek in het eerste jaarC + D + EBerekening

Rekenvoorbeeld: wat één fulltime medewerker kost bij het sectorgemiddelde

Dit rekenvoorbeeld komt uit de whitepaper “Een nieuwe standaard voor werving en selectie op de werkvloer”. Op het uurbedrag van het CBS na is elk getal in de berekening een aanname. Het is geen benchmark, geen marktgemiddelde en ook niet wat het kost als je iemand aanneemt die niet past.

  • A. Loonkosten per gewerkt uur: € 44,40 (CBS-cijfer over 2025, vervoer en opslag).
  • B. Werkelijk gewerkte uren: 1.700. Een contract van 40 uur is goed voor 2.080 contracturen. Trek daar ongeveer 32 vakantie- en feestdagen (256 uur) van af, en houd daarna rekening met ziekteverzuim.
  • C. Loonkosten per jaar: € 44,40 × 1.700 = € 75.480.
  • D. Kosten om de plek in te vullen: € 4.000 tot € 8.000 (aanname).
  • E. Inwerken en de tijd tot iemand productief is: € 3.000 tot € 6.000 (aanname).
  • F. Kosten van de plek in het eerste jaar: € 82.480 tot € 89.480.
Eén fulltime medewerker in de Nederlandse sector vervoer en opslag, eerste jaar: 82.480 tot 89.480 euro.
Illustratie: op het uurbedrag van het CBS na is elk getal een aanname. Dit is geen benchmark, en ook niet wat het kost als je iemand aanneemt die niet past.

Waarom de whitepaper uitgaat van € 65.000

“Een nieuwe standaard voor werving en selectie op de werkvloer” gebruikt het ronde bedrag van € 65.000 om de orde van grootte aan te geven van de verplichting die een werkgever aangaat als hij één plek op de werkvloer invult. Dat bedrag ligt bewust lager dan de uitkomst van het rekenvoorbeeld hierboven, dat uitgaat van het sectorgemiddelde: instapfuncties kosten vaak minder.

Het is geen exact berekend bedrag, geen marktgemiddelde, geen benchmark en ook niet wat het kost als je iemand aanneemt die niet past. Het bedrag moet één ding duidelijk maken: iemand aannemen voor de werkvloer is een grote beslissing, ook als je die snel neemt. Vervang het door je eigen cijfer zodra je dat hebt.

Als je een plek via een uitzendbureau invult

Vul je een plek via een uitzendbureau in, dan telt voor jou als opdrachtgever het gefactureerde uurtarief maal de gewerkte uren. In dat tarief zitten de eigen loonkosten van het bureau, de overhead en de marge.

FEIT. Het CBS publiceert de loonkosten per gewerkt uur voor uitzendbureaus (€ 31,90 in 2025). Dat cijfer meet wat uitzendbureaus betalen om hun eigen personeel in dienst te hebben, in alle sectoren waar ze mensen aan leveren. Het is niet wat een opdrachtgever betaalt.

We hebben geen betrouwbaar landelijk cijfer gevonden voor de tarieven die uitzendbureaus in rekening brengen. Die tarieven worden landelijk niet gepubliceerd, en ze verschillen per sector, functie, regio, contract en volume. Gebruik je eigen facturen.

Voor een uitzendbureau geldt hetzelfde model, maar dan van de andere kant bekeken. Een slechte match kost het bureau marge, recruitertijd om de order opnieuw in te vullen en vertrouwen bij de opdrachtgever.

Wat een vroeg vertrek kost

Bij de meeste wervingsbeslissingen heb je meer aan de vraag “wat kost het als een nieuwe medewerker niet blijkt te passen?” dan aan “wat kost een nieuwe medewerker?”

AANBEVELING. Schat de kosten van één vroeg vertrek als volgt:

Kosten om de plek opnieuw in te vullen + inwerkkosten + productieverlies en overuren zolang de plek leegstaat of het werk wordt opgevangen

Illustratie: met de bandbreedtes hierboven kost het opnieuw invullen van de plek € 4.000 tot € 8.000 en het inwerken € 3.000 tot € 6.000. Samen is dat € 7.000 tot € 14.000 per vroeg vertrek, nog zonder productieverlies en overuren. Elk getal hierin is een aanname.

Productieverlies en overuren zijn vaak de grootste post, en het moeilijkst te schatten. Vraag het na op de locatie: wat gebeurt er met overuren, tijdelijke vervanging en gemiste volumes als een plek twee weken leegstaat?

Wanneer verdient een aanpassing in je wervingsproces zich terug?

Met de kosten van een vroeg vertrek kun je toetsen of een aanpassing in je wervingsproces de moeite waard is. “Een nieuwe standaard voor werving en selectie op de werkvloer” gebruikt daarvoor een eenvoudig model (tabel 5.2 in de whitepaper):

  • Kosten van de aanpassing per jaar: extra personeelsuren × loonkosten per uur + kosten van de tool + opstartkosten.
  • Break-evenpunt: kosten van de aanpassing ÷ kosten van één vroeg vertrek = het aantal gevallen van vroeg vertrek dat je per jaar moet voorkomen om de kosten te dekken.

Illustratie: stel dat een proces met gestructureerde interviews per week 20 uur extra recruitertijd vraagt, oftewel 0,5 fte. Met loonkosten van € 48 per gewerkt uur (het cijfer voor alle sectoren samen) en 1.700 uur per jaar kost dat € 40.800 per jaar. Deel je dat door € 7.000 tot € 14.000 per vroeg vertrek, dan ligt het break-evenpunt bij ongeveer 2,9 tot 5,8 gevallen van vroeg vertrek die je per jaar voorkomt, nog zonder productieverlies of kosten voor een tool mee te rekenen. Elk getal hierin is een aanname of een gemiddelde. Vervang ze allemaal.

Twee dingen beïnvloeden deze uitkomst. Het break-evenpunt daalt als het nieuwe proces deels werk vervangt dat je nu al doet, zoals herhaalde telefonische screenings. Het stijgt als er een tool of extra toezicht bijkomt. De whitepaper schat geen van beide effecten in.

Wat dit model je niet vertelt

Dit model vertelt je welke verplichting je aangaat als je een plek invult, en wat een vroeg vertrek je kan kosten. Het vertelt je niet of een bepaalde wervingsmethode vroeg vertrek terugdringt. Geen enkele studie die voor “Een nieuwe standaard voor werving en selectie op de werkvloer” is gecontroleerd, meet dat effect voor werving op de Nederlandse werkvloer. Om die vraag te beantwoorden, heb je je eigen gegevens over uitkomsten nodig (zie Zo meet je quality of hire op de werkvloer: 10 indicatoren voor uitkomst, proces en eerlijkheid).

Veelgestelde vragen

Wat kost een nieuwe medewerker in Nederland?

Er bestaat niet één betrouwbaar bedrag. Stel je eigen bedrag samen uit je loonkosten per gewerkt uur, de werkelijk gewerkte uren en wat het invullen van de plek en het inwerken je kosten. Als referentiepunt: het CBS komt voor vervoer en opslag in 2025 uit op € 44,40 per gewerkt uur.

Wat zijn de loonkosten per uur in de Nederlandse sector vervoer en opslag?

In 2025 was dat € 44,40: € 33,50 aan lonen plus € 10,90 aan sociale premies ten laste van werkgevers en aanverwante posten (CBS, 2026, tabel 5.8).

Kost het € 65.000 als je iemand aanneemt die niet past?

Nee. De whitepaper gebruikt dat ronde bedrag om de orde van grootte aan te geven van de verplichting die een werkgever per jaar aangaat als hij één plek op de werkvloer invult. Wat een verkeerde beslissing bij het aannemen kost, hangt af van het moment waarop blijkt dat het niet past, van de kosten om de plek opnieuw in te vullen en van wat er in de tussentijd met de productie gebeurt.

Hoe bereken ik wat het kost als een nieuwe medewerker snel weer vertrekt?

Tel bij elkaar op: de kosten om de plek opnieuw in te vullen, de kosten om een opvolger in te werken, en het productieverlies en de overuren zolang de plek leegstaat of het werk wordt opgevangen. Gebruik je eigen cijfers.

Kan ik het CBS-cijfer voor de loonkosten van uitzendbureaus gebruiken om te schatten wat een uitzendkracht me kost?

Nee. Dat cijfer is wat uitzendbureaus betalen om hun eigen personeel in dienst te hebben. Wat jij betaalt, is het gefactureerde tarief, en daarin zitten de kosten en de marge van het bureau.

Bronnen

  1. CBS (2026). De arbeidsmarkt in cijfers 2025, hoofdstuk 5, Lonen en loonkosten: tabellen 5.8, 5.21 en 5.22, en de paragraaf over de opbouw van de arbeidskosten. Hoofdstuk Lonen en loonkosten van het CBS
  2. Radius Hire (2026). Een nieuwe standaard voor werving en selectie op de werkvloer. Paragrafen 1.1 en 5.2, en bijlage B.